Pensioenrechten bij echtscheiding in beweging

Francesco van der Linden

Het familierecht is continu in beweging en heeft volop de aandacht van de politiek. Waar – naar alle waarschijnlijkheid – per 1 januari 2020 de duur van de partneralimentatie zal worden gewijzigd, vindt de politiek tevens dat de huidige pensioenverdeling bij echtscheiding dient te worden gewijzigd. Het is de bedoeling dat per 1 januari 2021 de standaardmethode van de pensioenverevening plaatsmaakt voor conversie.

Op dit moment is het zo dat indien partijen bij echtscheiding niet anders afspreken, dan wel in de huwelijksvoorwaarden geen andere regeling is getroffen, bij echtscheiding de door partijen ten tijde van het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioenaanspraken worden verevend conform de standaardregeling uit de wet Verevening Pensioenrechten bij scheiding. Deze standaardregel is van toepassing voor ex-echtgenoten van wie de echtscheiding op of na 1 mei 1995 is ingeschreven in de daartoe bestemde registers van de Burgerlijke Stand, ex-echtgenoten van wie de scheiding van tafel en bed op of na 1 mei 1995 definitief is geworden en op ex-geregistreerde partners van wie het geregistreerd partnerschap op of na 1 mei 1995 definitief is beëindigd.

De standaardregel uit de wet Verevening Pensioenrechten bij scheiding heeft tot gevolg dat ieder van de ex-partners over en weer recht heeft op de helft van de gedurende het huwelijk opgebouwde ouderdomspensioenaanspraken. Zolang de ex-partners in leven zijn, krijgt ieder na pensionering de helft van de te verevenen ouderdomspensioenaanspraken. Als degene die het ouderdomspensioen niet zelf heeft opgebouwd, overlijdt, krijgt de ander weer het volledige ouderdomspensioen. Als degene die wel zelf het ouderdomspensioen heeft opgebouwd, overlijdt, verliest de ander eveneens het verevende deel van het ouderdomspensioen, maar de ander kan vervolgens wel een bijzonder nabestaandenpensioen krijgen.

Bij conversie wordt het deel van het ouderdomspensioen van de andere ex-partner (die dus het pensioen heeft opgebouwd) samen met het bijzondere nabestaandenpensioen voorgoed omgezet in een eigen ouderdomspensioen. Dit is de ‘eigen aanspraak op ouderdomspensioen’ voor degene die het pensioen dus niet zelf heeft opgebouwd. Na de conversie hebben beide ex-partners hun eigen ouderdomspensioen en maakt het voor geen van beiden uit of de ander nog wel of niet meer in leven is. Conversie kent enige voordelen ten opzichte van de standaard verevening. Conversie vergroot volgens het kabinet namelijk het handelingsperspectief van beide ex-partners en zij zijn niet meer levenslang via het pensioen aan elkaar verbonden. Conversie kent echter ook de nodige nadelen. Zo vloeit het geconverteerde ouderdomspensioen bij voortijdig overlijden van de ex-partner niet meer terug naar de andere partner. Ook gaat het partnerpensioen bij conversie verloren; dit deel wordt namelijk omgezet in een eigen pensioen, en dat kan voor problemen zorgen als de ex-partner afhankelijk is van de alimentatiebetalingen die stoppen als de alimentatieplichtige overlijdt.

De Minister van Sociale Zaken en Werkgelegenheid is een internetconsultatie gestart over het wetsvoorstel Pensioenverdeling bij scheiding 2021. De consultatie is op 24 januari jl. geëindigd. Het wetsvoorstel zal nu door de Minister aan de Ministerraad worden voorgelegd.

Laat een bericht achter