De WBTR is in aantocht: Stichtings- en verenigingsbestuurders opgelet!

Liza Stellingwerf

De WBTR past in de maatschappelijke tendens waarin ‘Governance’ van steeds groter belang wordt. Onder ‘Governance’ wordt verstaan: ‘het uitvoeren van beleid, controle, macht, regels en principes van organisaties’. Waar in de politiek de verhoudingen tussen ‘macht en tegenmacht’ momenteel ter discussie staan, is in het afgelopen decennium voor kapitaalvennootschappen een fijnmazige balans tussen bestuur en toezicht gevonden, die nu ook wordt uitgerold over stichtingen, verenigingen, coöperaties en de ‘OWM’. Wat staat er te gebeuren?

 

 

1) Belet en ontstentenis
De WBTR verplicht tot het instellen van een regeling voor het geval er sprake is van belet of ontstentenis van het bestuur en/of de raad van toezicht. De WBTR verplicht in de statuten vast te leggen wie beslissingen dient te nemen als het bestuur en/of het toezichthoudend orgaan dat niet meer kan doen.

2) Tegenstrijdige belangen
Daarnaast geldt dat in de statuten een regeling dient te worden opgenomen voor het geval een bestuurder of toezichthouder een tegenstrijdig belang heeft (en wanneer dat het geval is). De WBTR bepaalt dat een bestuurder of toezichthouder niet mag deelnemen aan de beraadslaging en/of de besluitvorming over een onderwerp waar hij een persoonlijk belang bij heeft en welk belang tegenstrijdig is aan het belang van de stichting, vereniging, coöperatie of OMW.

3) Stemrecht
De statutaire stemrechtregeling dient na inwerkingtreding van de WBTR zodanig te zijn ingericht dat één bestuurder of toezichthouder afzonderlijk niet meer stemmen kan uitbrengen dan de overige bestuurders of toezichthouders gezamenlijk.

4) Aansprakelijkheid en ontslagmogelijkheden bestuurders & toezichthouders
Vanwege de wens tot het uniformeren van de bestuurs- en toezichtregelingen in boek 2 Burgerlijk Wetboek, worden de normen voor de taakvervulling en aansprakelijkheid (bijvoorbeeld in het geval van een faillissement) van bestuurders en toezichthouders van stichtingen, verenigingen, coöperaties en OMW’en geprofessionaliseerd en gelijkgetrokken met de normen die al gelden voor bestuurders en toezichthouders van een B.V. of N.V. De mogelijkheden tot het ontslaan van een bestuurder of toezichthouder die zijn taak niet goed uitvoert, worden onder de WBTR bovendien vergroot.

5) Wettelijke verankering toezichthoudend orgaan
Tot slot introduceert de WBTR een wettelijke grondslag voor de invoering van een toezichthoudend orgaan bij de stichting, vereniging, coöperatie en onderlinge waarborgmaatschappij. Daarbij kan worden gekozen voor een dualistisch systeem (waarbij wordt gewerkt met bijvoorbeeld een raad van commissarissen) of een monistisch systeem (waarbij het bestuur bestaat uit toezichthouders en bestuurders).

Met name dit laatste onderwerp kan verraderlijk zijn. Het feit dat er nu ook binnen de organisatiestructuur van stichtingen, verenigingen etc. een wettelijk raamwerk wordt geïntroduceerd voor ‘macht en tegenmacht’ maakt dat nog serieuzer moet worden nagedacht over het instellen van een toezichthoudend orgaan. Bestuurders die dat niet doen, lopen een verhoogd aansprakelijkheidsrisico.

Noopt de invoering van de WBTR tot directe actie? Voor wat betreft de stemrechtregeling geldt dat indien deze vijf jaar na inwerkingtreding van de WBTR nog niet voldoet aan de in de WBTR daaraan gestelde eisen, de bestaande bepaling nietig wordt verklaard. De WBTR verplicht verder tot het verwerken van de tegenstrijdige belangregeling alsook tot het verwerken van de belet- en ontstentenisregeling bij de eerstvolgende statutenwijziging. Er is geen termijn bepaald waarbinnen de eerstvolgende statutenwijziging dient plaats te vinden. Voor wat betreft de bestuurdersaansprakelijkheid geldt dat het handelen of nalaten van bestuurders in de rechtszaal wordt gespiegeld aan dat van de ‘modelbestuurder’. Van organisaties wordt in toenemende mate een zelfreinigend vermogen verwacht. Onder invloed van de WBTR groeit dan ook voor stichtingen, verenigingen, coöperaties en OMW’en het belang van een uitgebalanceerd intern toezichtsorgaan.

Wij denken graag met u mee over de juiste balans tussen bestuur en toezicht. Neem bij vragen contact op met de advocaten Ondernemingsrecht van ScheerSanders.